Vrijwilligers in de thuiszorg

Door middel van korte verhalen over het vrijwilligerswerk in de thuiszorg wordt op indringende en ontroerende wijze duidelijk wat het vele vrijwilligerswerk inhoudt. Werk dat veel tijd, geduld en 'levenskunst' vergt van de vrijwillig(st)ers.

Een onafhankelijke jury heeft 40 korte verhalen van vrijwilligers in de thuiszorg beoordeeld en een selectie gemaakt voor een verhalenbundel. De verhalenbundel is gepresenteerd tijdens een speciale manifestatie voor de circa 500 vrijwilligers die bij een kleine 10 organisaties actief zijn. De manifestatie voor de vrijwilligers in de thuiszorg is tevens de afsluiting van de campagne 'Vrijwilligers in Beeld'. Mooi zo Goed zo heeft de sponsoring van de verhalenbundel en manifestatie verzorgd.

Onderstaand het winnende verhaal van de verhalenwedstrijd.

Ontmoetingen

Als het kan, ga ik met mijn kind naar haar toe. Ik vind haar leuk, ze vindt mijn kind leuk en ze vindt mij misschien leuk.

Ik beslis om vrijwilligster te worden door drie verdrietig ontmoetingen op straten met drie bejaarden. Als ik op straat loop en een oud en eenzaam persoon ontmoet, ben ik verdriet. Mijn verdriet komt van mijn cultuur en mijn afkomst. Ik kom uit een arm en warm land in Afrika. Daar spelen bejaarden een belangrijke rol in de maatschappij. Een bejaarde bij ons heeft altijd zijn plaats tussen zijn gezin of familie. Als ik familie zeg, bedoel ik: kinderen, kleinkinderen, nichten, neven en ook buren. Om door te gaan, we kunnen ooms, tantes, schoonzusters tellen. Dus als een bejaarde geen kinderen heeft, kan die zeker bij zijn zus, nicht of neef gaan wonen. Maar als ik onze maatschappij met die van hier vergelijk, kan ik het niet begrijpen.

Hier wonen oude mensen bijna alleen. Sommigen zien hun kinderen niet meer, ofwel een of twee keer per jaar, tijdens verjaardagen of vader/moeder dag. Op dit moment werk ik bij een oude dame als vrijwilligster. Dat vind ik erg leuk om te doen, maar de echte reden waarom ik dat werk doe is als volgt.
Het was zomer en ik liep in de straat. Toen heb ik een alleenstaande oude dame ontmoet. Die oude dame zat in een rolstoel. We hebben in elkaar gekeken, toen begon zij met mij te praten. Op een gegeven moment was ik erg verbaasd, want dat niet altijd aan mij gebeurt.

We hebben over het weer gepraat. Ze vroeg waar ik vandaan kom, mijn naam enz. Ik kon niet langer met haar blijven praten omdat ik haast had. Maar ik kon niet gaan en deze dame alleen laten. We hebben nog langer gepraat. Ze was erg blij en ik ook. Mijn Nederlandse taal is niet perfect maar ze was gewoon blij. Ze zei: “Ik heb niet beter verwacht."
Op mijn weg naar huis, was ik een beetje verdriet voor deze onbekende dame, die op straat alleen is en in een rolstoel zit. Vaak ontmoet ik oude mensen die alleen zijn.

Een paar dagen later heb ik een vriendin van mij gebeld om te vragen of ik als vrijwilligster bij oude mensen kan werken. Ze heeft positief gereageerd. Na een paar dagen heeft ze via iemand anders iets voor mij gevonden. De eerste afspraak ging niet door, omdat de persoon die ik moest ontmoeten dood ging.
Ik heb lang gewacht tot ik iemand anders gevonden had. Ik was er erg blij mee. Ik ben samen met een vrouw die op kantoor werkt, naar die vrouw toe gegaan. Het was dinsdag twee en twintig juli om half drie. Die vrouw kwam uit het ziekenhuis waar ze een knie operatie had gehad. Ze zag er niet zo goed uit, ze was erg zwak en moe. We hebben ons voorgesteld. Ze had gehoord dat ik Frans spreek en dat ik niet zo lang in Nederland woon. Maar toch was ze erg enthousiast om me te kennen.

Ze zei: "Sus, we gaan samen talen leren, ik leer jouw Nederlands en jij leert mij Frans." Onze tweede afspraak was een ongeluk. Ik ben later naar de afspraak gegaan omdat ik de tijd verkeerd heb begrepen. Ze heeft me naar huis gestuurd omdat ze lang op mij heeft gewacht. Ik heb dat niet erg gevonden want ze voelde zich niet goed. De volgende dagen en tot nu toe zijn vriendelijk verlopen. Voor haar doe ik een paar boodschappen. We praten veel, vooral in het Nederlands, en dat helpt me om mijn Nederlands te verbeteren. Voorlopig kan ik voor haar niet veel doen, omdat ik zelf druk ben. Ik heb een kind en volg een opleiding voor schoonheidsverzorging. Maar ze vindt dat niet erg en ze is blij met alles. Als het kan, ga ik met mij kind naar haar toe. Ik vind haar leuk, ze vindt mijn kind leuk en ze vindt mij misschien leuk.

Bibi

Foto: Coenraad de Kok

Sociaal aandeelhouders

Help Mooi zo Goed zo!

Wilt u helpen of heeft u hulp nodig? Neem contact met ons op!

Bel 073-6124488 info@mzgz.nl